De uitspraak “je kan tegenwoordig niks meer zeggen” zit voor mij in de categorie ‘wat je niet meer kunt zeggen’. Door deze uitspraak rollen mijn ogen van achter naar voren. Ik laat een diepe, lange zucht zodat ik niets lelijks zeg. Vaak zijn het, op hun beurt, diep-zuchtende witte mannen. Met hangende schouders en een verveelde blik. Alsof hun 8-jarige-zelf net is verteld dat hij geen tv meer mag kijken en linea recta naar bed moet.
De nette variant van wat er uit mijn mond wil komen: word volwassen en pak je verantwoordelijkheid.
Wat ik wil zeggen gaat over discriminatie. Omdat ik zelf een witte geprivilegieerde vrouw ben die binnen de meeste normen valt, dacht ik vroeger dat het niet aan mij was om me over bepaalde zaken uit te spreken. Ook ben ik nogal conflict vermijdend en denk ik graag na voordat ik iets zeg. Hierdoor voel ik me in sommige situaties -daar komt het weer- bewust onbekwaam. Maar, anti-discriminatie is ieders verantwoordelijkheid. Ongeacht achtergrond, maar misschien van mensen met mijn kaasachtergrond zelfs een beetje extra. Gemarginaliseerde groepen in Nederland strijden namelijk al hun leven lang. Waar ik de ene hand na de andere uitgereikt krijg: baanaanbod, opleiding, loonsverhoging, zakcentje hier of daar. Krijgen zij de ene deur na de andere in hun gezicht of worden ze van het kastje naar de muur gestuurd. Juist door mijn achtergrond en privileges, voel ik steeds meer de behoefte om mij uit te spreken.
Als je je afvraagt wie ik met ‘zij’ bedoel, of over welke groepen ik het heb, vraag ik je om eerst na te denken wie de PVV bedoelt met ‘de gewone Nederlander’. Of wie er volgens de VVD tot ‘de middenklasse’ behoort. Als je daar achter bent, hoor ik het graag! Aansprekende termen en nietszeggende begrippen. Dat is politiek. En voor dit stuk neem ik diezelfde tactiek even over. Dan voelt tenminste óf niemand, óf iedereen zich aangesproken.
Zaken die voor mij heel gewoon zijn, zijn voor hen wereldvreemd. Een veilig thuis, me thuis voelen, me onderdeel voelen van de samenleving, herkenning en erkenning vinden op werk, op straat, zelfs op tv. En andersom. Wat voor mij uitzonderlijk is, is voor hen aan de orde van de dag. Uitsluiting, niet begrepen worden, niet gehoord voelen, onveiligheid en onzekerheid over de toekomst. Ik doe wel eens een poging maar kan het me nauwelijks voorstellen.
Om deze en nog zoveel meer redenen, gaf ik mijzelf via mijn werk op voor een omstanderstraining. ‘Wat kun jij doen om discriminatie te bestrijden?’ was de ondertitel. Een workshop van een halve dag, bedoeld voor rijksambtenaren. Een interessante doelgroep, waar vast wat ‘je kunt tegenwoordig niks meer zeggen’-figuren tussen zitten.
In de volgende blog lees je mijn ervaringen.

Geef een reactie